De budgetronde verloopt bijna overal hetzelfde. Sales wil meer leads voor het volgende kwartaal. De directie vraagt waarom niemand in de markt jullie kent. En jij hebt één bedrag dat allebei moet dekken. Met een team van drie en een budget dat niet meegroeit met de ambitie is 'we doen gewoon allebei' geen antwoord. Het is een verkapte keuze om beide half te doen.
De keuze tussen merk en performance is vooral een bureaukeuze. Een performancebureau ziet kanalen die je kunt optimaliseren. Een merkbureau ziet een positionering die niet klopt. Allebei hebben ze een punt, en allebei hebben ze belang bij hun eigen antwoord. De vraag die er voor jou toe doet is een andere: welke verhouding past bij waar je bedrijf nu staat, en hoe lang houd je die vol?
Waarom vuistregels je maar half helpen
Het bekendste vertrekpunt is de 60/40-verdeling uit het werk van Les Binet en Peter Field: ruwweg zestig procent van je budget naar merkopbouw, veertig procent naar activatie. Dat is geen verzinsel, maar het is wel gebaseerd op een dataset met veel grote adverteerders en veel B2C. Als jij vijftig deals per jaar sluit in een nichemarkt van tweehonderd relevante bedrijven, gelden andere mechanismen dan bij een merk dat miljoenen consumenten bereikt.
Gebruik zo'n verhouding daarom als vertrekpunt voor de discussie, niet als norm waar je je aan moet houden. De onderliggende logica is belangrijker dan het getal: performance oogst vraag die er al is, merk zorgt dat er volgend jaar iets te oogsten valt. Wie alleen oogst, betaalt elk kwartaal meer voor dezelfde opbrengst.
Vier factoren die je verhouding bepalen
In de gesprekken die wij voeren, komen steeds dezelfde variabelen terug. Ze zeggen meer over de juiste verdeling dan welke benchmark dan ook.
- Bekendheid in je categorie. Als kopers je niet kennen voordat ze zoeken, betaal je in performance voor een klik die je vervolgens moet overtuigen vanaf nul. Lage bekendheid is een argument voor meer merkbudget, niet voor meer advertentiebudget.
- Lengte van de koopcyclus. Bij een B2B-abonnement met een cyclus van zes tot achttien maanden is maar een klein deel van je markt op enig moment in de markt. De rest kun je alleen bereiken met iets dat blijft hangen.
- Verzadiging van je performancekanalen. Stijgen je kosten per lead al drie kwartalen terwijl het volume gelijk blijft? Dan koop je geen groei meer, je koopt dezelfde vraag duurder in. Extra euro's daar leveren weinig op.
- Retentie en uitbreiding. Bij abonnementsmodellen zit veel waarde in verlenging en upsell. Dat is deels merkwerk: vertrouwen, herkenning, het gevoel bij de juiste partij te zitten. Reken die waarde mee voordat je merkbudget schrapt.
- Levensfase. Een nieuwe propositie in een bestaande markt vraagt andere verhoudingen dan een gevestigde speler die marktaandeel verdedigt.
Zo bepaal je de verhouding in vier stappen
Wij werken in vier fasen: fundament, richting, executie, herijken. Dat is geen model om de tijd te vullen, maar een volgorde die voorkomt dat je een verdeling kiest op onderbuikgevoel.
- 1Fundament: leg de feiten neer. Waar kwam de omzet van vorig jaar vandaan? Welk deel van je inbound komt binnen via merkgebonden zoekopdrachten of direct verkeer? Wat kost een klant nu, en wat levert die op over de looptijd van het contract? Zonder deze cijfers is elke verdeling een mening.
- 2Richting: formuleer een hypothese met een looptijd. Bijvoorbeeld: 'We gaan een jaar naar 40 procent merk en 60 procent performance, omdat onze kosten per lead twee kwartalen op rij zijn gestegen en onze naamsbekendheid in de doelgroep laag is.' Een verdeling zonder onderbouwing sneuvelt bij de eerste tegenvallende maand.
- 3Executie: scheid de budgetten en de meetlat. Hou merk- en performance-uitgaven apart in je administratie en beoordeel ze op verschillende termijnen. Performance beoordeel je per maand, merk per twee tot vier kwartalen. Door elkaar meten leidt altijd tot dezelfde conclusie: merk 'werkt niet'.
- 4Herijken: elk kwartaal een moment, niet elke week. Kijk naar de richting van je indicatoren, niet naar de ruis. Verschuif hooguit tien tot vijftien procent per keer, zodat je het effect kunt toeschrijven.
—Performance oogst wat merk heeft gezaaid. Wie niet zaait, merkt dat pas twee kwartalen later — en betaalt er dan vier kwartalen voor.
Merk meten zonder budget voor merkonderzoek
Een representatief bekendheidsonderzoek kost meer dan de meeste kleine teams per jaar aan merk uitgeven. Dat is geen reden om niets te meten. Er zijn signalen die je gratis of bijna gratis kunt volgen.
- Het zoekvolume op je merknaam en op merknaam plus categorie, maand op maand.
- Het aandeel direct verkeer en het aandeel sessies dat binnenkomt zonder advertentie.
- De winratio op nieuwe deals, en of die stijgt terwijl je kanalen gelijk blijven.
- De doorlooptijd van een deal. Korter betekent vaak dat je al bekend was voordat het gesprek begon.
- Eén vaste vraag in elk eerste salesgesprek: hoe kende je ons? Noteer het antwoord in je CRM. Na honderd gesprekken heb je een beeld dat geen dashboard je geeft.
Wat je hiermee niet krijgt, is een hard causaal verband. Dat moeten we eerlijk benoemen. Je krijgt wel een richting, en die is genoeg om een budgetdiscussie met cijfers te voeren in plaats van met overtuigingen.
Wanneer je verschuift — en wanneer niet
Verschuif naar meer merkbudget als je kosten per lead structureel stijgen terwijl het volume stagneert, als je verkoopgesprekken beginnen met uitleggen wie je bent, of als je vaker verliest van een bekendere partij met een zwakker aanbod. Verschuif naar meer performance als je zoekvolume op je merknaam groeit maar dat niet terugziet in aanvragen, als je conversie op de site ver achterblijft, of als er een concreet moment is waarop de vraag piekt.
Verschuif niet omdat één maand tegenvalt. En verschuif niet omdat een nieuw kanaal interessant klinkt. Met een klein team is versnippering het grootste risico: vijf kanalen half bespelen levert minder op dan twee kanalen goed. Dat geldt aan de merkkant net zo hard als aan de performancekant.
Van verhouding naar volgende week
Begin klein en concreet. Zet deze week op één A4 waar je omzet van vorig jaar vandaan kwam, splits je huidige uitgaven in merk en performance, en kijk of die verdeling past bij de vier factoren hierboven. Meestal blijkt dan dat er geen expliciete keuze is gemaakt, maar dat de verdeling is ontstaan uit gewoonte en uit wat makkelijk te verantwoorden was. Dat is een prima startpunt, zolang je het vanaf nu bewust doet. Wil je die analyse samen met iemand doen die dit vaker heeft gedaan bij B2B- en abonnementsmodellen, dan is dat precies het gesprek waar wij bij REX.digital mee beginnen.